EUROPA: Eurobarometer over water: De meeste Europeanen menen
dat de waterkwaliteit en -kwantiteit een ernstig probleem vormen

Bijna twee op drie Europeanen menen dat de kwaliteit van het water in hun land een ernstig probleem vormt. Dat blijkt uit een speciaal Eurobarometeronderzoek naar de mening van Europeanen over waterkwesties, dat eind maart werd gepubliceerd door de Europese Commissie. Het rapport geeft ook aan dat Europeanen de beschikbare hoeveelheid water net zo problematisch vinden. Meer dan ťťn derde van de Europeanen meent dat over de afgelopen vijf jaar de kwaliteit van rivieren, meren en kustwateren achteruitgegaan is. Zij menen dat de industrie en de landbouw de grootste impact hebben op de kwaliteit en de kwantiteit van het water in hun land en de overgrote meerderheid van de Europese burgers denkt dat de klimaatsverandering een invloed zal hebben op de watervoorraden.

De Commissaris voor Milieu Stavros Dimas zei: "Zonder voldoende kwalitatief water kunnen onze economieŽn en samenlevingen welvaren noch overleven. Europeanen beseffen de ernst van de situatie en zij begrijpen dat er moet worden ingegrepen om propere en voldoende watervoorraden te behouden wil onze samenleving overleven. De lidstaten moeten snel stappen ondernemen om alle Europese wetgeving over water volledig te implementeren."






De Europeanen zijn verontrust over de kwaliteit en de kwantiteit van water Ongeveer 68% van de Europeanen meent dat de waterkwaliteit in hun land een ernstig probleem is. De Grieken zijn het meest verontrust met 90% van de Griekse bevolking dat zich zorgen maakt over water. De Oostenrijkers zijn het minst verontrust (26%).

In Cyprus maken ze zich het meest zorgen over de waterhoeveelheid (97% van de Cyprioten) tegenover een gemiddelde van 63% in heel Europa. De Finnen zijn het minst verontrust met 23%.

De waterkwaliteit verslechtert volgens de Europeanen

Er zijn meer Europese burgers (37%) die denken dat de waterkwaliteit in hun land is verslechterd gedurende de laatste 5 jaar, tegenover 30% die vindt dat de kwaliteit gelijk is gebleven en 27% die meent dat die is verbeterd.

Klimaatsverandering ťťn van de voornaamste bedreigingen voor water

De Europeanen beschouwen chemische vervuiling (75%) en het klimaat (50%) als de voornaamste bedreigingen voor de watervoorraden in hun land. Niet minder dan 85% denkt dat de klimaatsverandering een negatieve invloed heeft op watervoorraden in Europa. In de Zuid-Europese lidstaten wordt waterschaarste beschouwd als een groot gevaar voor watervoorraden (73% in Cyprus). Overstromingen worden als een grotere bedreiging gezien in de lidstaten in Noord-Europa (75% in het Verenigd Koninkrijk).

De meningen van de Europeanen zijn ongeveer gelijk verdeeld wat betreft de invloed van de klimaatsverandering op watervoorraden. Ongeveer 23% denkt dat dit zal leiden tot een verandering van de ecosystemen, 22% tot een verhoging van de zeespiegels, 21% tot meer overstromingen en 20% tot waterschaarste en droogte. Dit zijn de vier voornaamste gevolgen van de klimaatsverandering die binnen de EU worden verwacht. Ongeveer 90% van de Europeanen denkt dat de industrie en de landbouw de waterkwaliteit en -kwantiteit beÔnvloeden. Acht Europeanen op tien menen dat het waterverbruik van individuele gezinnen en het door hen geproduceerde afvalwater ook een invloed hebben.

De Europeanen ondernemen actie

Een groot aantal Europeanen verklaart dat zij stappen ondernemen om watergebonden problemen te beperken. Ongeveer 84% onder hen beperkt zijn waterverbruik. De Europeanen beperken ook de impact van hun huishouden op water door het gebruik van milieuvriendelijke huishoudchemicaliŽn. Hier staan de Oostenrijkers met 78% voorop, tegenover slechts 33% van de Roemenen.

Participatie van de Europese burgers in het overleg rond het waterbeheerplan

De Kaderrichtlijn Water bepaalt dat de lidstaten beheerplannen moeten opstellen voor alle stroomgebiedsdistricten tegen eind 2009. De ontwerpplannen, die minimum 12 maanden voor deze datum klaar moeten zijn, moeten gedurende 6 maanden worden opgesteld voor het publiek. Dit proces is momenteel gaande in de meeste lidstaten, maar slechts relatief weinig Europese burgers hebben hier aan deelgenomen, ondanks de grote belangstelling.

Op internationaal vlak verstrekken de Europese Unie en haar lidstaten jaarlijks ongeveer 1,4 miljard euro voor water- en sanitatieprojecten in ontwikkelingslanden. Tussen 2004 en 2007 heeft de Europese Commissie ook 1,6 miljard euro vrijgemaakt voor waterprojecten. De Afrikaanse staten, de CaraÔben en de staten in de Pacific zijn goed voor 61% van de bijstand op het gebied van water en sanitair, de Mediterrane landen voor 26% en AziŽ voor 13%.

De resultaten van de Eurobarometer over water zijn beschikbaar op de website van de Europese Commissie/Milieuzaken/water (klik hier).

Bron: IP/09/446, Brussel, 23 maart 2009

>> Terug

 

Reacties op de nieuwsbrief en/of voorstellen voor artikels zijn welkom