VLAANDEREN / NEDERLAND: Scheldeverdragen goedgekeurd:
derde verdieping Westerschelde in Vlaanderen meteen van start

Na een lange periode van voorbereidende studies en onderhandelingen ondertekenden op 21 december 2005 de toenmalige minister en staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat Karla Peijs en Melanie Schultz van Haegen namens Nederland en toenmalig minister van Openbare werken, Energie, Leefmilieu en Natuur Kris Peeters namens Vlaanderen met de instemming van de twee regeringen vier Scheldeverdragen. Het Vlaamse parlement heeft de Scheldeverdragen op 28 februari 2007 goedgekeurd, de Tweede Kamer in Nederland pas onlangs op 18 december 2007.

De vier verdragen handelen respectievelijk over de uitvoering van de Ontwikkelingsschets 2010, de samenwerking op het gebied van het beleid en beheer in het Schelde-estuarium, het gemeenschappelijk nautisch beheer in het Scheldegebied en de beëindiging van de onderlinge koppeling van de loodsgeldtarieven. Over beide laatste verdragen bestaat weinig discussie. De eerste twee verdragen rond toegankelijkheid, natuurlijkheid en veiligheid tegen overstromingen - de drie evenwaardige peilers van de Ontwikkelingsschets 2010 - hadden heel wat meer voeten in de aarde.

De uiteindelijke goedkeuring van de verdragen betekende meteen dat in uitvoering van het eerste verdrag - de uitvoering van de Ontwikkelingsschets 2010 - het licht op groen werd gezet voor de derde verdieping van de Westerschelde.

Concreet zal de verdieping een getij-onafhankelijke scheepvaart garanderen van 13,10 m (nu is dat tot 11,85 m). Rekening houdend met een kielspeling van 12,5% wil men tot een minimale gegarandeerde waterdiepte van 14,7 m komen. Hiervoor dient op elf plaatsen - de zogenaamde drempels - te worden gebaggerd. Grote containerschepen (tot 12.000 TEU) zullen na de verdieping ongehinderd - dus onafhankelijk van het getij - kunnen doorvaren naar de haven van Antwerpen tot aan het Deurganckdok. De vaargeul wordt verbreed tot 370 meter vanaf de Europaterminal tot 500 m stroomopwaarts van het Deurganckdok. Volgens de Vlaamse regering is de maritieme toegankelijkheid van de Vlaamse zeehavens van groot belang voor de verdere economische ontwikkeling in Vlaanderen en Nederland en noodzakelijk om de concurrentiepositie van de haven van Antwerpen te handhaven.

Op 20 december 2007 werd in Vlaanderen al direct gestart met de uitvoering van de eerste fase. Aan Nederlandse zijde moet wel nog het TracÚ-besluit genomen worden en moeten de vergunningen nog afgegeven worden.

Nederland blijft het ondertussen moeilijk hebben met het ontpolderen in het kader van de afgesproken natuurherstelmaatregelen, maar de opgave ervan blijft ongewijzigd. Wel heeft de Kamer een motie aangenomen waardoor het nog tot medio 2009 zal duren voor er duidelijkheid is over de locaties. Is de grond dan nog niet op vrijwillige basis verworven, dan zal de minister weer in overleg treden met de Kamer. In de tussentijd zal een commissie volgend jaar mogelijke alternatieven voor ontpolderen onderzoeken. Maar uiterlijk in 2010 moeten ook de engagementen voor het luik natuurlijkheid uitgevoerd worden.

Mochten er trouwens geen garanties voor natuur in Nederland komen, dan is de kans reëel dat het verzet er hard zal zijn. Bovendien is er ook in Vlaanderen nog geen antwoord op de bezwaren die BBL en Natuurpunt eerder hebben geuit. Deze milieuorganisaties, die lid zijn van de werkgroep Schelde-estuarium, gaan niet akkoord met de stelling dat de verdieping zeker geen negatief effect zal hebben op de natuur in het Schelde-estuarium. Ze willen niet dat op die manier de natuurprojecten uit de Ontwikkelingsschets 2010 juridisch losgekoppeld worden van de verdieping. Volgens de milieubeweging is het risico niet ondenkbaar dat er een groot (tijds)verschil ontstaat in de uitvoering van de natuurprojecten en de verdieping. De koppeling tussen beide is volgens hen dan ook noodzakelijk. De milieubeweging vraagt ook om begeleidende maatregelen om de luchtkwaliteit rond Antwerpen te verbeteren. Door het bijkomende verkeer zal die immers slechter worden.

Christine Braet


Reacties op de nieuwsbrief en/of voorstellen voor artikels zijn welkom op: